Sociaal-economisch
Sociaal-economisch
|
Dit is een gebied waarin vooral de afdelingen zeer actief zijn. De leden informeren over de gemeentelijke regelingen en hulp verlenen bij het indienen van een aanvraag. Hiervoor zijn dan aanwezig vrijwillige ouderenadviseurs of hulpverleners bij het invullen van de belastingformulieren. De opleiding van de vrijwilligers wordt gedaan door de SBO |
| 65-PLUSSER MET ZORGKOSTEN EN KLEIN PENSIOENTJE DE DUPE Uit de meest recente cijfers van het Nibud blijkt dat, zoals al werd verondersteld, de koopkracht voor mensen van 65 jaar en ouder in 2010 is gedaald t.o.v. het jaar 2009. Daarnaast blijkt dat met name de 65-plus huishoudens met een zorgvraag en een inkomen bestaande uit een AOW-uitkering en een klein aanvullend pensioen, in hun portemonnee worden getroffen. Nibud deed dit onderzoek in opdracht van Unie KBO, PCOB en NVOG. | |
| De bonden kregen veel signalen van flinke financiële tegenvallers in 2010. Vooral de resultaten van de aangiften inkomstenbelasting over 2009, die voor de meeste mensen rond april dit jaar duidelijk werden, zorgden voor veel onrust. Velen kregen door de forse inperking van de fiscale aftrek van ziektekosten, als gevolg van de invoering van de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg), aanzienlijk minder terug dan voorheen of moesten zelfs bijbetalen. Het kabinet had in 2009 voor deze doelgroep overigens al wel inkomenscompenserende maatregelen ingevoerd, met als doel om de voorziene inkomensachteruitgang voor een deel te dempen. Om te bezien of deze bedoeling van het kabinet ook is uitgekomen, besloeg het koopkrachtonderzoek met opzet een periode van twee jaargangen. Daarnaast is ook extra gekeken naar huishoudens die van jaar op jaar geconfronteerd worden met kosten door (chronische) ziekten. Juist omdat de Wtcg in 2009 is ingevoerd en de effecten daarvan op de koopkracht dus het meest in het oog zouden moeten springen. Ten slotte is ook een reëel huishoudboekje opgenomen over deze jaren van een alleenstaande AOW’er. Dit is gedaan omdat sommige factoren, die van invloed zijn op de gebruikelijke koopkrachtberekeningen in enig jaar, feitelijk pas een jaar later daadwerkelijk in de portemonnee gevoeld worden. Een voorbeeld hiervan is de wijziging in de fiscale aftrek van ziektekosten in 2009, die is meegenomen bij de berekening van de koopkrachtmutatie van 2009 t.o.v. van 2008, maar die in de regel tot uiting komt rond de zomer van 2010, als de voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2009 in de brievenbus rolt. Een ander voorbeeld is de algemene tegemoetkoming op grond van de Wtcg over 2009, die pas rond november 2010 wordt uitgekeerd. Samengevat blijkt dat in 65+huishoudens, waarbij géén rekening is gehouden met de zorgvraag: • in 2009 een positief koopkrachteffect is opgetreden voor inkomens tot AOW en een aanvullend pensioen van circa € 20.000 à € 30.000 en een negatief effect voor inkomens daarboven. • er in 2010 over de hele linie een (licht) negatief koopkrachteffect is van tussen de -0,1% en -0,7%. Samengevat blijkt dat in 65+huishoudens, waarbij wél rekening is gehouden met de zorgvraag: • in 2009 een positief koopkrachteffect is opgetreden voor inkomens met alleen AOW, maar voor alle huishoudens met een inkomen daarboven in de meeste gevallen een negatief koopkrachteffect; vooral als er geen recht blijkt te bestaan op een algemene tegemoetkoming op grond van de Wtcg, of als er slechts een lage tegemoetkoming van toepassing blijkt. Dit geldt in het bijzonder bij de huishoudens met naast AOW een klein ‘pensioentje’. • In 2010 komt het beeld overeen met de huishoudens exclusief zorgvraag en is het koopkrachteffect over de hele linie (licht) negatief tussen de -0,1% en -0,5%. De berekeningen m.b.t. de huishoudboekjes (begrotingen) voor een huishouden met alleen AOW, laten voor 2010 hetzelfde licht negatieve beeld zien als de koopkrachtberekeningen, maar waren voor 2009 t.o.v. 2008 licht negatief, waar de koopkrachtmutatie voor deze groep juist positief was. De conclusies en aanbevelingen van de ouderenbonden op grond van de berekeningen door het Nibud zijn: • De inkomensmaatregelen, die het kabinet in 2009 heeft ingevoerd ter compensatie van het inperken van de fiscale aftrek van ziektekosten heeft over het algemeen de door ‘Den Haag’ beoogde werking gehad; met uitzondering dus van de groep 65-plussers met naast AOW een bescheiden aanvullend pensioen. Voor deze laatste groep achten de bonden compensatie in enigerlei vorm dus zeker wenselijk. • De onrust onder ouderen is goed te begrijpen, omdat de inkomenscompenserende maatregelen op verschillende plekken en soms ook in andere tijdvakken tot uiting komen. Dit maakt het al met al voor ouderen vaak niet meer te overzien. Daardoor veroorzaken losse inkomensgebeurtenissen vaak ook een gevoel van teleurstelling, doordat ze begrijpelijkerwijs geïsoleerd worden beschouwd i.p.v. in samenhang met andere voor hun inkomen relevante zaken. Betere en overzichtelijke overheidsvoorlichting vinden de bonden hierbij op zijn plaats. • De koopkracht in 2010 is over de hele linie negatief uitgepakt. Daarbij is nog geen rekening gehouden met mogelijk te verwachten kabinetsmaatregelen i.v.m. het oplossen van de financiële crisis. De bonden achten het van belang dat de koopkracht van 65-plussers bij toekomstige maatregelen niet onevenredig zwaar zullen uitpakken, voornamelijk niet voor de groep met een inkomen tot aan een AOW-uitkering en een bescheiden aanvullend pensioen. U kunt het volledige Nibud-rapport downloaden via de nieuwspagina van de website van Unie KBO (www.uniekbo.nl). | |